Voor een overzicht van de pendules in de verkoop zie het menu links.

Franse kolompenduleEen andere benaming voor een pendule is een tafelklok. Na de uitvinding van Huygens (slingeruurwerk met weinig tijdsafwijkingen) zijn in Nederland de zogenaamde ‘Haagse klokken’ gebouwd.

Christiaan Huygens zorgde voor de grote doorbraak. Door het regulerend deel van de klok (in zijn geval een slinger) vrij van het echappement − aan een zijden lus − op te hangen, en aan de lepelspil een zogenoemde gevorkte drijver te maken die, los van de slinger, deze bij iedere heen-en-weergang een puls gaf, werden de onregelmatigheden in de puls niet langer aan het regulerend lichaam (de slinger) doorgegeven; deze had nu een eigen amplitude. Huygens had over die amplitude zorgvuldig nagedacht; bij vroege exemplaren van de Haagse klokken waren aan weerszijden van de zijden lus gebogen metalen strips aanwezig (de cycloïdale boogjes).

Salomon Coster maakte in opdracht van Christiaan Huygens het eerste uurwerk met het door laatstgenoemde eind 1656 bedachte principe van de slinger als gangregelaar. Coster kreeg van de Staten-Generaal voor 21 jaar het exclusieve recht (privilege) om deze klokken te maken. Door zijn vroegtijdig overlijden in 1659 (op waarschijnlijk 37-jarige leeftijd) heeft hij van dit voorrecht slechts kort gebruik kunnen maken.

De Engelse tafelklok is van de Haagse klok afgeleid.
De beste exemplaren zijn in de 17e eeuw in Londen gemaakt. Enkele makers uit die tijd zijn Thomas Tompion, George Graham en Fromenteel. De tussen de platines gebouwde uurwerken van de Engelse tafelklokken zijn altijd van uitstekende kwaliteit. Tot ca. 1850 zijn er nagenoeg altijd snek­uurwerken in de klokken gebouwd voor zowel het gaande werk als het slagwerk. In de loop van de tijd hebben de techniek van het uurwerk, de vorm van de kasten en de wijzerplaten veel wijzigingen ondergaan.

Franse marmeren pendule, art decoOok de vroege Franse tafelklokken zijn van de Haagse klok afgeleid. Dit zijn de zogenaamde ‘religieuze klokken’. Deze klok werd in de loop van de tijd steeds meer versierd, vanaf 1665-1670 kwam er zelfs een voetstuk bij. Later werd de ‘Religieuse’ ook op een console tegen de muur geplaatst. Op hun beurt werden de religieuze klokken weer gevolgd door de Franse pendules. In eerste instantie werden de pendules in een gegoten kast gemonteerd, we zien een pendule vaak op een kast of schoorsteenmantel staan. In de tijd van Napoleon werden ook ren- en zegewagen­pendules gemaakt. In de Jugendstilperiode werden pendules opgesmukt met verliefde paartjes, engeltjes en weegschalen. Vanaf ca. 1925 zijn er veel marmeren pendules gemaakt in de art deco stijl. Ook in deze pendules treffen we nog steeds het traditionele pendule-uurwerk aan.

Tegenhanger van de art deco pendules, in Nederland overigens niet zo geliefd, zijn de in Duitsland geproduceerde edelhouten pendules, de zogenaamde Napoleonssteek met een bim-bamslagwerk.

<< terug naar Klokken